Dat maatschappelijke engagement was heel gewoon voor een schrijver in de negentiende eeuw, misschien wel omdat schrijvers in de eerste plaats burgers waren en daarna pas kunstenaars. Kunst zonder maatschappelijke betrokkenheid was eenvoudigweg ondenkbaar.
De sfeer was opgetogen, om allerlei redenen. De speldenprikjes die Mathijsen uitdeelde naar de huidige bezuinigingsplannen op linkse hobby’s, vielen goed. Gegrinnik ook toen ze het had over de ‘broeksklep’ die Van Lennep niet al te stijf gesloten hield. Maar het leukste was toch wel de aanwezigheid van enkele nazaten van Van Lennep. Een van hen, Louis van Lennep, nam aan het einde vanuit het publiek het woord en bedankte Mathijsen voor het feit dat zij Van Lennep zo treffend als burger-schrijver had gekenschetst. En voor het feit dat ze pijnlijke zaken onbesproken had gelaten. Hij zal ongetwijfeld gedoeld hebben op Van Lenneps ‘verminking’ van de Max Havelaar. Het intrigerende was dat deze nazaat van Van Lennep als twee druppels water op zijn beroemde voorouder leek. Ik kon mijn ogen dan ook niet van hem afhouden: het leek wel alsof de schrijver zelf die avond in ons midden was.
Lotte Jensen
0 reacties:
Een reactie plaatsen